Alain Remue: De man achter de zoektocht

Dorien Favaits10
“Als er een kind als vermist wordt opgegeven, ben ik weg.”

Ik ontmoet Alain Remue in kazerne Géruzet, het is een restant van de vroegere ‘kazernewijk’. Ik meld me aan en een agent verwijst me door naar blok Alfa. Wanneer ik over het binnenplein loop dwarrelt de sneeuw naar beneden, het doet me op de een of andere manier denken aan kinderlijke speelsheid. Alain Remue staat me op te wachten in de poort van blok Alfa, hij staat rustig te roken met zijn collega. We gaan binnen in zijn bureau en hij stelt me voor aan zijn andere collega’s, je ziet en voelt dat het niet enkel collega’s zijn maar ook vrienden.

Was het een jongensdroom om bij de politie te werken?

“Neen, ik ben er eigenlijk ingerold. In mijn vijfde humaniora heb ik een advertentie in mijn handen gekregen, met een reclame van de rijkswacht.  Ik heb die advertentie nog altijd liggen trouwens, 35 jaar geleden is dat. Ik heb verschillende proeven gedaan en was op elke proef geslaagd. Ik moest mijn eindexamen van het humaniora nog doen maar ik wist al dat ik in september bij de rijkswacht mocht beginnen.
Ik heb er geen seconde spijt van gehad. Maar als kleine jongen wou ik bruggen bouwen, dat interesseerde mij mateloos. Ik vind dat nu nog steeds de max. Het is al gebeurd dat ik in Antwerpen ben voor een dossier, maar dat ik dan snel eens tot aan de Deurgangdok ga en naar de werken ga kijken van de nieuwe sluis.
Mijn stap naar de Cel Vermiste Personen was ook onverwachts. Tijdens de zomer van 1995 waren in juli Julie en Melissa vermist, in augustus An en Eefje. Ik was toen net afgestudeerd als officier. Na die 2 verdwijningen was er redelijk wat druk ontstaan bij zowel de publieke opinie als de media. Stefaan De Clerck was toen minister van Justitie en hij gaf de opdracht aan de rijkswacht om iets te gaan doen rond vermiste personen. Mijn baas waarbij ik in Gent voor de BOB werkte contacteerde me en zei: ‘Alain, gij zijt geslaagd voor u officiersexamen, ik zoek nog iemand als adjunct ik zou graag hebben dat je voor mij komt werken bij de gerechtelijke.” Dit stond me meteen aan. Ik had op dat moment nog nooit een dossier vermiste personen gedaan. Ik kreeg toen 4 mensen en zo is het allemaal begonnen.

 “Het is geen job, het is een passie”

Neemt u uw werk mee naar huis of kan u dat achter u laten?

“Kijk, ik kan vrij makkelijk de knop omdraaien maar er zijn natuurlijk nuances. De dood is een facet dat prominent in ons werk aanwezig is, iedereen die hier werkt weet dat en je moet dat een plaats geven. Ik ben zelf vader, ik heb grote gasten. Mijn zoon is 22, mijn dochter 17. Die tijd van paniek is voor mij gepasseerd. Ze zijn beiden groot genoeg en verstandig. Ze gebruiken hun verstand, dat is goed. Maar ik ben nog nooit ‘s nachts wakker geworden van een nachtmerrie over een dood kind dat we de dag ervoor vonden. Ik ben wel al wakker blijven liggen dat we bepaalde vermiste personen niet vinden. Maar voor ons is dit professionele frustratie, voor familie is dit horror. Dat is een essentieel verschil.
Maar ik ben mezelf in die 17 jaar toch ook al eens tegengekomen. Een jaar geleden had ik nog haar, nu niet meer. Vorig jaar tijdens de zoekactie naar Amelia en Alison in de Maas ben ik een van mijn duikers verloren. Olivier. Een goeie maat van mij. Met wie we al 15 jaar samenwerkten, met wie we al van alles hadden meegemaakt. Gefeest, gelachen, gedronken, ons geamuseerd. Maar ook heel trieste momenten hebben meegemaakt. Als je een dood kind uit de Maas haalt, zorgt dat voor een band. Ik heb in mijn 17 nog nooit een traan gelaten voor een dood kind dat we teruggevonden hebben. Maar ik heb daar voor Olivier (stilte), je maakt daar iets mee wat je niet elke dag meemaakt. Je bent erbij terwijl je ne maat verliest. Ik kon geen duiker meer het water zien ingaan.Dat heeft een paar maanden geduurd, op een namiddag heb ik samengezeten met Alain, de patron van Olivier. We hebben samen zitten bleiten, we hebben ons een stuk in ons kraag gedronken en vanaf dan is het beginnen beteren. Vijf maand later is mijn haar uitgevallen. Post-traumatische stress. Het ongeval is al twee jaar geleden, maat ik denk nog elke dag aan Olivier (stilte).

Vindt u dat zaken zoals Annick Van Uytsel te veel in de media komen?

“De media is een noodgedwongen belangrijke partner, meestal is de media dé vijand van het gerechtelijk onderzoek. Bij vermiste personen is dat helemaal anders, wij verspreiden het opsporingsbericht via de media omdat we het grote publiek willen bereiken. Er is een probleem met journalisten. Als je ze aan boord haalt, raak je er niet meer van af. Maar ze hebben gelijk vind ik. Ik vraag hen vandaag om een artikel te schrijven over een verdwijning en morgen willen ze natuurlijk weten of er al schot in de zaak is. Werken met de media is geven en nemen, maar vertrouwen is heel erg belangrijk. Ik heb een goede relatie met enkele journalisten, voor hen steek ik mijn hand in het vuur. Het is al gebeurd dat een journalist iets in het dossier ziet, maar dat dat gegeven nog niet gelekt mag worden. Dan zijn er twee soorten journalisten. Diegenen dat het respecteren en niets schrijven, dan heb je de andere groep maar die moeten mijn collega’s of mij niet meer bellen. Ik zeg dat dan ook recht in hun gezicht “Gij, moet mij niet meer bellen.” Ze weten echt niet wat voor een kemel zij schieten met maar een keer een scoop te willen hebben. ”

“Als ze hervallen, vallen er doden.”

Heeft u nog contact met ouders van verdwenen kinderen?

“Ja, nog een heel goed contact. Bijvoorbeeld met de ouders van Nathalie Gijsbrechts, de ouders van de kleine Liam Vanden Brande heb ik af en toe nog contact. Ik heb ook wel al misverstanden gehad met hen, zoals Paul Marchal. Maar ik heb een zaak geleerd. Tegen ouders van verdwenen kinderen ga je niet beginnen discussiëren. Zij hebben áltijd gelijk. Ik heb het voorrecht gehad om die groep mensen te leren kennen, waar ik een mateloos respect voor heb. Er is een ding dat je nooit wil worden in je leven en dat is moeder of vader van een vermist kind. Ik heb ze allemaal leren kennen. Sommigen heb ik goed nieuws kunnen brengen, anderen hebben we heel slecht nieuws moeten brengen. Dan heb je nog andere ouders, en daar gaat het over, die we nooit nieuws kunnen geven hebben. En van hen heb ik geleerd dat slecht nieuws beter is dan geen nieuws. Het is heel cru, maar als een ouder van een vermist kind zegt hoe gelukkig hij zou zijn moest hij zijn zoon of dochter kunnen begraven, dan weet je waar het echt over gaat.”

Wat vindt u van de vrijlating van Martin en Dutroux dien zijn vrijlating aanvraagt?

“Dat is een schande. Dat is schandalig.Iemand die een keer bewezen heeft dat hij met zijn poten niet van een kind kan blijven, die heeft nooit meer het recht om in onze straat te lopen. En ik ik weiger te geloven dat zo’n mensen kunnen genezen. No fucking way. Ik ga hiermee niet de sympathie krijgen van deskundigen die geloven in genezing van een pedofiel. Ik wordt keer op keer geconfronteerd met recidive, met hét verschil als ze hervallen, vallen er doden. Dutroux werd voorwaardelijk vrijgelaten rond ’94, in ’95 was het zover. Zijn vorige feiten waren aanrandingen en verkrachtingen, nu was het moord. Abdellah ait oud, Fourniret, allemaal hetzelfde. Als ik dan hoor dat iemand zoals Martin vrijgelaten wordt, dan is dat wraakroepend. Je kan je op die moment niet voorstellen dat je ouder bent van een vermoord kind. ”

“Soms kom ik thuis en is de badkamer opnieuw ingericht, Kristien heeft haar plan leren trekken.”

Bent u strenger voor uw kinderen omwille van uw werk?

“Mijn dochter Eva had hier moeten zijn, zij zou zeggen ‘Je moet een de dochter zijn van Alain Remue.’ Maar ik ga haar veel liever ‘s nachts om 5u ergens halen en dat ik er mijn nachtrust voor moet laten, maar ik weet wel dat ze veilig thuis is. Ik zit op de verkeerde plek. Als je hier werkt zie je zoveel ellende, dan zie je soms weleens spoken. En ik kan me voorstellen dat het voor mijn kinderen niet altijd evident is geweest. Want andere kinderen mochten ‘s avonds nog een toertje rond de blok gaan fietsen en in de wijk, maar die van mij niet. Wij worden bijna altijd geconfronteerd met het slechte. De slechte afloop, het slechte in de mens. Maar dat is eigen aan onze job. Door mijn job heb ik momenten met mijn gezin gemist, dat vind ik echt jammer. Eva was 14 dagen oud toen ik voor 3 maand naar Quantico ging. Maar dat neemt niet weg de momenten dat we samenzijn dat we dit kunnen goedmaken. We hebben de gewoonte om 1 keer per jaar 14 dagen naar Amerika te gaan. Dat is sinds enkele jaren een gewoonte geworden. En dan ben ik niet bereikbaar. Als ik hier in verlof ben dan blijft mijn GSM wel aanstaan, als er dan een kind verdwijnt laat ik alles vallen en werk ik altijd zelf.”

Kan uw vrouw met uw werk leven?

“Ik ken Kristien al 24 jaar, we hebben elkaar leren kennen toen ik in de drugs werkte, toen was ik ook nooit thuis, of altijd met iets bezig. Ze heeft mijn studies tot officier en de geboorte van Cel Vermiste Personen meegemaakt. Een van de vereisten als je hier begint is een stabiele thuissituatie. Ik ben al thuisgekomen dat we een nieuwe hond hadden. Ik ben al thuisgekomen dat we een nieuwe badkamer hadden. Geschilderd,nieuwe meubels en al.  Kristien heeft geleerd haar plan te trekken. Want ze staat meestal voor alles alleen.Ik ga eerlijk zijn, ik kan dit werk doen dankzij mijn vrouw. Mijn vrouw zegt ook vaak ‘Ik hoop dat je iets te doen hebt tegen dat je op pensioen bent’, en dat is zo, anders zijn wij na drie weken uit elkaar. Ik begin me dan met verschillende dingen te moeien wat ik anders nooit doe. Het is geen job, het is een passie. Als je naar vermiste personen zoekt doe je dat niet een beetje, je doet dat met je hart.”

Dorien Favaits7
“De collegialiteit hier is enorm, maar dat moet in ons vak”
Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s